Zo gebruik je de weerstand kleurcode calculator
- Kleurcode → waarde: kies 4, 5 of 6 ringen en kies van links naar rechts de kleur van elke ring. Houd de weerstand zo dat de tolerantiering – meestal goud, zilver of bruin, vaak iets verder van de andere af – rechts zit.
- Waarde → kleurcode: vul een waarde in, bijvoorbeeld 4,7 kΩ, en zie de code met 4 ringen (±5%) en met 5 ringen (±1%), getekend als ringen.
- Serie en parallel: typ tot tien waarden, zoals 100 220 470 of 4k7 10k 1M, en krijg in één keer de totale weerstand in serie en parallel. Scheid de waarden met spaties of puntkomma’s, want de komma is hier een decimaalteken: 4,7k; 2,2k.
Bij elke waarde zie je ook de dichtstbijzijnde standaardwaarden uit de reeksen E12, E24 en E96 – de waarden die je echt kunt kopen.
Kleurcode van weerstanden: de tabel
| Kleur | Cijfer | Vermenigvuldiger | Tolerantie | Temp.-coëfficiënt |
|---|---|---|---|---|
| Zwart | 0 | ×1 | — | 250 ppm/K |
| Bruin | 1 | ×10 | ±1% | 100 ppm/K |
| Rood | 2 | ×100 | ±2% | 50 ppm/K |
| Oranje | 3 | ×1.000 | — | 15 ppm/K |
| Geel | 4 | ×10.000 | — | 25 ppm/K |
| Groen | 5 | ×100.000 | ±0,5% | 20 ppm/K |
| Blauw | 6 | ×1.000.000 | ±0,25% | 10 ppm/K |
| Violet | 7 | ×10.000.000 | ±0,1% | 5 ppm/K |
| Grijs | 8 | ×100.000.000 | ±0,05% | 1 ppm/K |
| Wit | 9 | ×1.000.000.000 | — | — |
| Goud | — | ×0,1 | ±5% | — |
| Zilver | — | ×0,01 | ±10% | — |
| Geen ring | — | — | ±20% | — |
De kleuren volgen de internationale norm IEC 60062. 4 ringen: twee cijferringen, de vermenigvuldiger en de tolerantie. 5 ringen: drie cijferringen, de vermenigvuldiger en de tolerantie – dit zijn meestal precisieweerstanden van 1%. 6 ringen: zoals 5 ringen, met als laatste ring de temperatuurcoëfficiënt: hoeveel de waarde verandert per graad (ppm/K = miljoensten per kelvin).
Het bekende Nederlandse ezelsbruggetje voor zwart tot en met wit (0 tot 9) is „Zij Bracht Rozen Op Gerrits Graf Bij Vies Grauw Weer”: zwart, bruin, rood, oranje, geel, groen, blauw, violet, grijs, wit. Let op de twee G’s van geel en groen: geel komt eerst, net als in de regenboog.
Rekenvoorbeelden: kleurcode lezen
- Bruin – zwart – rood – goud: 1, 0, × 100 = 1000 Ω = 1 kΩ ±5%, dus alles tussen 950 Ω en 1050 Ω valt binnen de tolerantie.
- Geel – violet – groen – bruin – bruin: 4, 7, 5, × 10 = 4750 Ω = 4,75 kΩ ±1%, een waarde uit de E96-reeks.
- Rood – rood – goud – goud: 2, 2, × 0,1 = 2,2 Ω ±5%. Een gouden vermenigvuldiger betekent een waarde onder de 10 Ω.
- Bruin – zwart – zwart – oranje – bruin – rood: 1, 0, 0, × 1000 = 100 kΩ ±1% met 50 ppm/K (6 ringen).
Weerstand berekenen: serie en parallel
In een serieschakeling loopt dezelfde stroom door elke weerstand en tel je de weerstanden op: Rv = R1 + R2 + … In een parallelschakeling staat over elke weerstand dezelfde spanning en tel je de omgekeerde waarden op: 1/Rv = 1/R1 + 1/R2 + … Voor twee weerstanden parallel is dat Rv = R1 × R2 ÷ (R1 + R2) („product gedeeld door som”), dus 100 Ω parallel aan 100 Ω is 50 Ω, en n gelijke weerstanden parallel geven R ÷ n.
Voorbeeld: 100 Ω, 220 Ω en 470 Ω. In serie is de vervangingsweerstand 790 Ω. Parallel: 1/Rv = 1/100 + 1/220 + 1/470 = 0,01 + 0,004545 + 0,002128 = 0,016673, dus Rv = 60,0 Ω – kleiner dan de kleinste weerstand, zoals altijd bij parallel. De tabel onder de uitkomst laat zien hoe de spanning zich in serie verdeelt (naar verhouding van elke weerstand) en hoe de stroom zich parallel verdeelt (omgekeerd evenredig) – handig voor een spanningsdeler of om het vermogen over meerdere weerstanden te verdelen.
Een gemengde schakeling (deels serie, deels parallel) reken je stap voor stap uit: eerst elke parallelgroep apart, dan die uitkomsten in serie optellen.
Standaardwaarden: E12, E24 en E96
Weerstanden worden gemaakt in voorkeurswaarden (IEC 60063), zo verdeeld dat naburige waarden binnen hun tolerantie op elkaar aansluiten: 12 waarden per decade voor ±10% (E12: 10, 12, 15, 18, 22, 27, 33, 39, 47, 56, 68, 82), 24 voor ±5% (E24) en 96 voor ±1% (E96). Heb je volgens je ontwerp 5 kΩ nodig, dan is de dichtstbijzijnde E24-weerstand 5,1 kΩ en de dichtstbijzijnde E96-weerstand 4,99 kΩ. Wat de weerstand in je schakeling doet, reken je uit met wet van Ohm berekenen.
Meet voordat je op de kleuren vertrouwt: verbleekte of door hitte verkleurde ringen zijn makkelijk verkeerd te lezen (rood, oranje en bruin lijken op elkaar), en een ohmmeter geeft binnen een paar seconden zekerheid – wel buiten de schakeling, want andere onderdelen parallel aan de weerstand veranderen de meting. SMD-weerstanden hebben geen kleurringen maar een opgedrukte cijfercode.
Veelgestelde vragen
Hoe lees je de kleurcode van een weerstand?
Draai de weerstand zo dat de tolerantiering (goud, zilver of bruin, vaak iets apart) rechts zit. Lees de cijferringen van links en vermenigvuldig met de vermenigvuldigingsring: bruin-zwart-rood-goud is 1, 0, × 100 = 1000 Ω ±5%.
Hoe bereken je de totale weerstand bij parallel?
Tel de omgekeerde waarden op en neem daarvan weer het omgekeerde: 1/R = 1/R₁ + 1/R₂ + … Voor twee weerstanden is R = R₁ × R₂ ÷ (R₁ + R₂). Twee weerstanden van 100 Ω parallel geven 50 Ω.
Wat is het verschil tussen 4, 5 en 6 ringen?
Een weerstand met 4 ringen heeft twee cijfers en meestal ±5% (goud); een weerstand met 5 ringen heeft drie cijfers en is meestal een precisieweerstand van ±1% (bruin). Een zesde ring geeft de temperatuurcoëfficiënt in ppm/K.
Welke kleurcode hoort bij 10k?
10 kΩ is bruin-zwart-oranje met een gouden ring voor ±5% (1, 0, × 1000), of bruin-zwart-zwart-rood-bruin bij een weerstand met 5 ringen van ±1% (1, 0, 0, × 100).
Wat is het ezelsbruggetje voor de kleurcode?
„Zij Bracht Rozen Op Gerrits Graf Bij Vies Grauw Weer” – de beginletters staan voor zwart, bruin, rood, oranje, geel, groen, blauw, violet, grijs en wit, de cijfers 0 tot 9.
Aan welke kant begin je met lezen?
Aan de kant waar de ringen het dichtst bij de rand zitten, met de tolerantiering als laatste. Lijken beide kanten gelijk, probeer dan beide richtingen: meestal geeft maar één richting een standaardwaarde uit de E-reeks.
Laatst bijgewerkt: 19 oktober 2026